Stichting Erfgoed Meubelfabriek L.O.V.

kop-3
kop-4
kop-5
kop-6
kop-7
kop-8
kop-9
previous arrow
next arrow

Het Raadhuis van Usquert

Foto: Wal, AS.J.v.d., 1981, RKD, 221619

Het Raadhuis van Usquert werd gebouwd tussen 1928 en 1930 naar een ontwerp van H.P. Berlage. Berlage had een voorliefde voor eerlijke bouwkunst in juiste proporties, waarin de materialen baksteen, beton en ijzer voor zichzelf spraken en niet werden verborgen.
Het raadhuis is tot in detail bewaard is gebleven en van architectuurhistorisch belang vanwege de eenheid van het exterieur en het interieur, aldus de vereniging Hendrick de Keyser (www.hendrickdekeyser.nl), die sinds 1990 eigenaar is van het Raadhuis. De door de LOV gefabriceerde meubelen zijn gerestaureerd en staan veilig opgeslagen. Deze worden na de restauratie van de vloeren weer terug geplaatst.

Meer lezen

Een nieuwe ontdekking?

Een nieuwe ontdekking?

Johanna (Jo) Catharina Pelt en Hendrik Jan Mispelblom Beyer. Uit: familie archief

Op 8 september 1921 trouwt Johanna Catharina Pelt, oudste dochter van Gerrit Pelt en Barendina Martha de Vletter,  met Hendrik Jan Mispelblom Beyer.  Zij krijgen drie zonen: Johannes, Alexander en Erik, mijn vader en ooms. 

Het is een zondagmiddag in december. Het weer is koud en guur. De houtkachel brandt volop en mijmerend kijk ik naar de vlammen. Er ligt voldoende leesmateriaal naast mij. Ik besluit  het fotoboek te gaan bekijken van mijn vader. Het bijzondere aan dit boek is dat er veel handgeschreven teksten bij de foto’s staan. Teksten die zijn ouders, mijn opa en oma, hebben geschreven. Daar ze dit vele jaren zijn blijven doen is het een mooi document geworden. Ondanks zijn leeftijd, 100 jaar,  heeft het boek de tand des tijds goed doorstaan.
Er zitten veel losse bladen, tekeningen, briefjes en schoolverslagen in. De losse onderdelen doe ik in zuurvrije folie mappen, zodat ze niet verder kunnen beschadigen. Soms staan bij de foto’s korte teksten, naast de verhalen die over het gezin gaan. De adressen Kromhout 104 en Singel 292 kom ik diverse malen tegen. Ik herken ze ook niet van de diverse woonadressen waar mijn grootouders gewoond hebben.

School Dordrecht. Foto: familie archief

Halverwege het boek zie ik een serie foto’s die groter zijn dan de anderen en eerder van de hand van een fotograaf komen, dan van een gemiddelde ‘huishoud’ camera.  Ook vind ik een prospectus van een Montessorischool uit Dordrecht uit 1926 met daarin afgedrukt de meeste foto’s die ook in het album van mijn vaders staan.
In de prospectus worden ook de namen van mevrouw J.J. Prins- Werker en mijn oma, J.C. Mispelblom Beyer- Pelt, genoemd. Samen met mevrouw E.C. van de Veen- Stol, en de heren Ir. W. van Rijn van Alkemade, voorzitter, A. Jonkers, 1e penningmeester,
W.A. Niessen, 2e penningmeester en H.J. van Loon. Mijn nieuwsgierigheid groeit, want wat doen deze foto’s in het fotoboek van mijn vader?

Interieur school. Foto: familie archief
Interieur school. Foto: Familie archief

 

 

 

 

 

 

 

Een bezoekje aan oom Erik schept snel duidelijkheid. Direct is er sprake van herkenning: ‘Kromhout en Singel zijn adressen van Montessorischolen in Dordrecht. Mijn moeder was één van de initiatiefneemsters toen deze scholen werden opgericht. Dat was in 1928’.

Oom noemt meteen de naam van mevrouw Prins, een leerkracht. Een glimlach verschijnt dan op zijn gezicht. Haar naam kom ik herhaalde malen tegen in de krantenarchieven en ook als schrijfster over het Montessori onderwijs.
Ik vraag hem of hij de schoolfoto’s herkent. Zonder twijfel zegt hij : ‘Je vader en je oom Alexander staan op deze foto’s’. Ook de andere foto’s worden  bestudeerd. En weer wijst hij personen op de foto’s aan en vertelt: ‘En dat is ook Alexander. Je vader en Alexander zijn beiden naar deze school gegaan. Ik was nog te klein en sta nog niet op deze foto’s’.

Fragment uit fotoboek/ 1929. Foto: familie archief

Wanneer ik het handschrift van mijn opa verder probeer te ontcijferen, kom ik de naam L.O.V. tegen.

Opa schrijft:
…‘Dit is jullie nieuwe school in Kromhout 104. Een stuk van de oude Weeshuisschool is van augustus- november 1928 helemaal opgeknapt en ingericht en op 9 december feestelijk geopend.Vooral het Lager onderwijs-lokaal, dit is gemeubileerd door L.O.V., maakt een verbazend gezellige indruk, zoals je trouwens op de kiekjes ziet en je misschien nog wel herinnerd, als je dit leest’…

In de krantenarchieven vind ik diverse artikelen in verband met de opening van de school op 8 december 1928. Maar er staat niets vermeld over de meubelfabriek L.O.V. te Oosterbeek.

Betreft het hier een nieuwe ontdekking?
Wie kan ons er meer over vertellen?

Ingrid Mispelblom Beyer

 

Prospectus. Foto: familie archief

Geraadpleegde sites:
• www.regionaalarchiefdordrecht.nl
• www.montessorischooldordrecht.nl
• www.delpher.nl
• www.gahetna.nl

Citaten uit de Prospectus Vereeniging Dordrechtse Montessori school 23 september 1926:

Pagina uit prospectus. Foto: familie archief

 

 

Klaslokaal school. Foto: familie archief

 

 

 

 

 

Een slaapkamer voor de Rotterdamse reder A.J.M. Goudriaan

Een slaapkamer voor de Rotterdamse reder A.J.M. Goudriaan

De Oosterbeekse meubelfabriek was niet alleen populair bij de Sociaal-Democratische zuil, maar hun producten vonden hun weg naar het grootkapitaal. Dat bewijst de commissie van de Rotterdamse reder Goudriaan voor zijn eigen woonhuis, waarvan de correspondentie bewaard is gebleven.

Albert Johan Marie Goudriaan (1871-1945) was directeur en grootaandeelhouder  van de bekende Rotterdamse rederij Van Nievelt, Goudriaan & Co. Deze rederij was in 1905 opgericht door de jonge ondernemers  H.A. van Nievelt en A.J.M. Goudriaan en had sindsdien een onstuimige groei doorgemaakt; het ene na het andere schip werd door Goudriaan gebouwd.  Binnen twintig jaar hoorde hij tot de vermaarde ‘havenbaronnen’ die niet alleen zakelijk succesvol waren, maar ook een groot sociaal hart toonden voor het personeel  en de Rotterdamse bevolking.

Vooral tijdens de Eerste Wereldoorlog, toen Nederland neutraal bleef, maakten de rederijen enorme winsten met de riskante maar uiterst lucratieve zeetransporten. Vanaf 1917 werden de schepen van Nigoco  geconfisceerd door de Nederlandse en Amerikaanse overheden,  waardoor Goudriaan tegen zijn zin in tot nietsdoen veroordeeld was.  Goudriaan en zijn gezin hadden echter allen een kunstzinnig aanleg. De reder nam vanaf 1917 nadrukkelijk de rol op zich als mecenas van het culturele leven in Rotterdam en van enkele kunstenaars.  Hij was onder andere lid van de Rotterdamse Kring, een gezelschap van ondernemers, kunstenaars en intellectuelen  en nam zitting in de Raad van Bestuur  van het Museum Boymans en Het Rotterdamsch Toneel.

In kunsthistorische kringen is  de naam van Goudriaan enigszins bekend gebleven als mecenas van de bekende metaalkunstenaar Jan Eisenloeffel. (1876-1952). Tussen 1918 en 1929 bestelde  de reder een hele reeks uiterst kostbare lichtkronen en andere voorwerpen, waarvan de grote zakkroon De optocht der jaargetijden als een hoogtepunt geldt van Nederlandse toegepaste kunst rond 1920.  De woning van de Goudriaans werd dan ook eens omschreven als een ‘Eisenloeffelmuseum’

Goudriaan bouwde niet alleen graag schepen, maar ook huizen.  Zo liet hij door de bevriende architect en buurtgenoot Willem Kromhout (1864-1940) het kantoor bouwen van de Scheepvaartvereniging Zuid, een fantasievol ontwerp in de vorm van een schip.  In 1917 kon de reder aan  de Rotterdamse goudkust Kralingen de hand leggen op het oude landgoed Ypenhof, en niet lang daarna op het aangrenzende landgoed ’s Gravenhof. Daarmee snaaide Goudriaan  9 hectare grond weg voor de neus van de gemeente, die voor dit terrein eigenlijk al een stadsuitbreidingsplan had klaarliggen.  Hij liet twee fraaie villaontwerpen maken door Kromhout, maar de bouwplannen werden uiteindelijk nog tien jaar uitgesteld.

In 1928 was met veel overleg het definitieve ontwerp gereedgekomen. Het werd een reusachtig landhuis met een rieten kap, waaraan een tweede kleinere villa was gekoppeld.  Ook werd er een portierswoning en woningen voor het personeel gebouwd.  Het exterieur, interieur en tuinaanleg werden tot in de puntjes op elkaar afgestemd zodat er sprake was van een waar Gesammtkunstwerk. Behalve de kunstwerken van Eisenloeffel vond men er ook meubilair van Kromhout, gebrandschilderde glas-in –lood vensters van de Haarlemse glazenier Willem Bogtman, een lamp van Gispen  -en een slaapkamerameublement van Labor Omnia Vincit.

Terwijl de bouw van villa Ypenhof in januari 1929 volle gang was, ontving de L.O.V een schrijven van Kromhout’s Chef de Bureau Stokla waarin gevraagd werd om informatie op te sturen over meubilair dat door de fabriek werd vervaardigd, alsmede stalen voor bekledingsstoffen.  Gerrit Pelt moet zeer opgetogen geweest zijn over deze aanvraag.  Hij  stuurde  niet alleen het gevraagde materiaal toe, maar bood in een begeleidende brief  eveneens aan dat  hijzelf, of zijn chef-ontwerper Jan Muntendam,  naar Rotterdam af zou reizen om een en ander te mogen toelichten.  Het zal door ons bijzonder  op prijs worden gesteld indien deze zending aanleiding mag geven nader met ons in relatie te willen treden, schreef Pelt.

Nu, dit was het geval want in minder dan een week  was een afspraak gemaakt op Goudriaans kantoor aan de Veerhaven. Daar werden de eerste wensen besproken die vervolgens door Muntendam werden uitgewerkt.  Drie weken later stuurde Pelt opnieuw een brief, waarin hij meldde dat Muntendam het project voor de slaapkamerinrichting in gereedheid had gebracht. Gevraagd werd wanneer de reder de heer Muntendam kon ontvangen. Goudriaan kon desgewenst ook in Oosterbeek het project bespreken omdat hij dan verschillende modellen zou kunnen zien. Afgesproken werd dat het projectvoorstel naar Rotterdam werd opgestuurd waarna op de zaak teruggekomen zou worden.

Daarna nam het project een andere wending.  Goudriaan had namelijk voor de bovenverdieping de Rotterdamse binnenhuisarchitect Jan Gompertz (1887-1963) in de arm genomen die hij vijf jaar eerder al had geholpen met het verstrekken van een lening om het Kunstnijverheidhuis De Distel op te richten.  Ook nu bleek Goudriaan als mecenas op te treden door hem opdachten te gunnen om het huis in te richten.  Er werd telefonisch medegedeeld dat niet Muntendam, maar Gompertz een slaapkamerontwerp zou leveren die dan door de L.O.V. zou worden uitgevoerd.  Daarna bleef het wekenlang stil zodat Oosterbeek een enigszins bezorgde brief verstuurde waar het  speciale ontwerp bleef; men maakte zich zorgen in verband met de afgesproken leveringstijd.   Goudriaan reageerde prompt en liet onmiddellijk door Gompertz het ontwerp en een aanvraag voor een prijsopgave de deur uitgaan.  Er werd snel overeenstemming bereikt en een week later , op 14 maart 1929, dankte Pelt voor de spoedige overmaking van de factuur. De kosten voor de uitvoering van de slaapkamer  (en aangrenzende kleedkamer) bedroeg maar liefst 6.301, 50 gulden. Hier bovenop kwam ook het honorarium voor het ontwerp van Gompertz van bijna 300 gulden.

Te oordelen aan de hoge kosten moet het ameublement prachtig geweest zijn, vervaardigd met kostbare materialen.  Hoe de slaapkamer eruit heeft gezien, is helaas niet meer bekend want na het overlijden van mevrouw Goudriaan in 1959 is het ameublement geveild.

Villa Ypenhof wachtte daarna nog een veel triester lot. De nazaten van Goudriaan zette op Ypenhof met verve de familietraditie voort met het organiseren van huisconcerten en andere culturele activiteiten. Maar vanaf de jaren zeventig  was de villa in kamers verhuurd en het achterstallig onderhoud nam schrikbarende vormen aan. Nadat Ypenhof begin jaren’80 was verkocht, vond Goudriaans villa in 1985 een roemloos einde door brandstichting. De naam, vijverpartij  en de portierswoning aan de ‘s-Gravenweg  zijn nu nog  de enige getuigen van het eens zo fraaie Gesammtkunstwerk.

Frederik Erens,
april 2014.

Bureau J.A. Muntendam

Foto: Achterzijde. Uit brochure 1930

Op weg naar de kringloop? 

Het is woensdag. Deze dag is al vroeg begonnen en bij het afsluiten van mijn pc checkte ik nog de mail. Een nieuw berichtje met in de kop het onderwerp: L.O.V.
Mijn nieuwsgierigheid is direct geprikkeld en de moeheid van die dag verdween als sneeuw voor de zon en lees het volgende:   ‘Ik ben bezig mijn woonkamer te veranderen en zo ontstond de gedachte om het bureau weg te doen . Het bureau heb ik na het overlijden van mijn vader gekregen. Het is te  groot en mijn woonkamer is dat niet. Ik dacht het moet maar naar de kringloop. Maar toen ik nog eens beter naar het bureau keek,  zag ik op de klep van het voor vak een plaatje zitten van meubelfabriek L.O.V. Oosterbeek.
Via Google ontdekte ik dat het een meubelfabriek was uit het begin van de vorige eeuw, die failliet ging in 1935.

Meer lezen

3 Stoelen uit 1930

Gered van de Kringloop.

‘Op internet zag ik uw verhaal over L.O.V.  meubels. Een inspirerend verhaal heb ik misschien niet, maar nog wel 3 L.O.V. stoelen en een dressoir uit 1930. Ook de originele rekening van de L.O.V. fabriek heb ik nog. Het zijn allen meubels  waarop mijn ouders erg trots waren, maar die nu al jaren bij mij op zolder staan en die de kringloopwinkel niet meer de moeite waard vindt. Het gaat mij zeer aan het hart om de stoelen bij het grof vuil te zetten’.
De brief gaat verder: ‘ Ik heb nu alleen foto’s van de stoelen omdat  het dressoir in Amsterdam bij mijn zoon staat. Hij heeft te kennen gegeven er geen prijs meer op te stellen’. 
De brief was ondertekend met Ruurd. Ook zijn adresgegevens en telefoonnummer staan erbij vermeld. We besluiten  die dag nog een afspraak te maken.

Wanneer we uitgenodigd worden om plaats te nemen in de woonkeuken, zien wij de stoelen meteen staan. Het zijn twee lage salonstoelen en een vrij grote hoge stoel. Al snel begrijpen we uit de verhalen van Ruurd en zijn vrouw, dat er meer stoelen zijn geweest. ‘Deze hebben echter de diverse verhuizingen niet goed overleefd’, aldus Ruurd.  Ook herkennen we een salontafel,  die in de woonkamer staat. Maar daar wilden ze nog geen afstand van doen.  Wat we ons goed kunnen voorstellen, daar hij nog volop in gebruik is. Van het dressoir  zouden we nog een foto krijgen. ‘Onze zoon wilde hem gaan logen’ we keken elkaar geschrokken aan. Onze reactie wordt opgemerkt en Ruurd stelt ons meteen gerust dat dit voornemen niet uitgevoerd zal worden.

Meer lezen